Interview met Rob Ruggenberg

Foto Rob Ruggenberg

Rob Ruggenberg. Links de oude toren van Westkapelle - nu een vuurtoren

- Waarom heb je dit boek geschreven?

"In een heel oud Spaans boek over de 80-jarige oorlog kwam ik een paar zinnen tegen over mochileros: Nederlandse en Vlaamse jongens die aan Spaanse soldaten werden verkocht. Daar had ik nog nooit van gehoord! Later las ik ook dat er in die tijd veel kinderen rondzwierven die geen ouders meer hadden. Die kinderen moesten van alles uithalen om in leven te blijven. Ik vond dat ik daar over moest schrijven."

- Hoe lang heb je er over gedaan?

"Meer dan tien jaar. Ik heb jarenlang in archieven en boeken gezocht om meer over die mochileros en kinderbenden te weten te komen, maar er is heel weinig over opgeschreven. Ze vonden kinderen niet zo belangrijk in die tijd, denk ik."

- Is het moeilijk, om zo'n boek te schrijven?

"Ja, dat vond ik wel. Ik schrijf bijna mijn hele leven al, maar dan voor volwassenen. Voor kinderen moet ik heel anders schrijven, andere woorden gebruiken, andere zinnen. Ik heb veel geleerd van Dik Zweekhorst, hij is redacteur bij de Querido-uitgeverij, en hij heeft mij laten zien wat ik fout deed en hoe het beter kan."

- Wat is er echt gebeurd en wat heb je verzonnen?

"Het verhaal is fantasie, maar er komen veel echte dingen in voor. Er wáren mochileros in die tijd, én kinderbenden, en Vlissingen hééft zichzelf van de Spanjaarden bevrijd. Als eerste stad in de Nederlanden. Dat is nu vergeten, maar toen was het heel belangrijk."

Op de brug van de mijnenjager Hr. Ms. Middelburg - En dat eiland Waterdunen, heeft dat echt bestaan?

"Nou en of! Waterdunen was een klein eiland, hoewel ik er niet zeker van ben of er in die tijd nog veel van boven water uitstak. Met hulp van de marine hebben kinderen en ik nog gezocht naar restanten (klik maar eens op deze fotopijltje) Op de zeebodem ligt iets, dat konden we zien, maar door de diepte en de zeestromingen was het jammer genoeg niet goed te bekijken."

- Hoe kom je aan de vreemde namen, zoals Lo en Barbe en Enghel en Mus?

"Dat zijn allemaal echte namen, die in die tijd gebruikt werden. Ik vind ze ook bijzonder. Ik vond ze in oude boeken."

- Wie vind je zelf het leukst, Robbe of Lo?

"Eh... moeilijke vraag. Robbe is een gewone jongen, niet bijzonder dapper, maar hij wordt wel steeds flinker. En als het er écht op aankomt, aan het einde van het boek, als álles verloren lijkt, dan doet Robbe precies wat hij moet doen. Ondanks zijn angsten en twijfels wordt hij een ware held.
Lo is een sterke meid, zo'n type dat zich overal doorheen slaat. Ze voelt zich verantwoordelijk voor anderen. Ze heeft lef, maar als de liefde in haar leven komt, dan heeft ze ook een klein hartje."

- Ben je nog meer boeken aan het schrijven?

"In het voorjaar van 2007 is Slavenhaler verschenen (klik op de link voor een voorproefje), ook een razend spannend boek, dat zich afspeelt in Afrika en Brazilië.
Verder heb ik een boek geschreven over New York in de tijd dat het nog Nieuw-Amsterdam heette, 400 jaar geleden dus. Dat boek heet Manhatan. Het gaat over drie kinderen die tijdens een vreselijke periode proberen te overleven."

"En nu ben ik bezig aan een boek over twee Inuit-kinderen uit Groenland die terechtkomen op Jan Mayen. Dat is een eenzaam eilandje in de Noordelijke IJszee, dat in de 17de eeuw gebruikt werd door Nederlandse walvisvaarders."

- Hoe gaat dat boek heten?

"Dat weet ik nog niet. Misschien Bevroren eiland, dat is nu mijn werktitel. Ik hoop het klaar te hebben voor de winter van 2010."

Een klik op deze gele lijn brengt je terug naar de voorpagina van deze website